Dit is een site voor studenten van de Open Universiteit. Voordat je een vraag kunt stellen moet je even een account aanmaken (dit systeem is niet gekoppeld aan je OU studentnummer en wachtwoord).

Welkom bij het vraag- en antwoord systeem van de onderzoeks-practica van de studie psychologie bij de Open Universiteit.

Houd er, als je een vraag stelt, rekening mee dat je de richtlijnen volgt!

wat moet je doen bij covariatie en factoriële anova wanneer Levene's test significant is?

0 leuk 0 niet-leuks
Het is mij niet duidelijk welke F-waarde dan gebruikt moet worden. Normaal dien je dan Games Howel te gebruiken, maar enige optie in SPSS is Bonferroni.
gevraagd 8 oktober 2015 in Psychologisch Experiment (PE) door Wendi Winnelinckx (190 punten)
gehercategoriseerd 12 oktober 2015 door Wendi Winnelinckx

1 Antwoord

2 leuk 0 niet-leuks
 
Beste antwoord
Er zijn niet echt strikte regels wat te doen bij schending van de assumptie van gelijke varianties in een ANOVA. Wanneer assumpties worden geschonden moet er een afweging worden gemaakt in hoeverre de schending problematisch kan zijn. Bij ANOVA's is het handig om algemeen te weten: zolang het aantal respondenten in alle groepen gelijk is kan een ANOVA redelijk veel weerstaan. Zodra N per groep verschillend is stapelen 'fouten' zich in rasse schreden op.

Waar bij een one-way ANOVA het nog mogelijk is om een Browne-Forsyth, of Welch te gebruiken (of helemaal nonparametrisch te gaan middels de Kruskall-Wallis) bestaat deze luxe niet bij meerweg AN(C)OVA's. Een ingewikkelde oplossing is om data te transformen, om zo variantieproblemen op te lossen. Dit vereist echter wel een gedegen inzicht in wiskundige verdelingen en mogelijke transformaties.

Een aardige vuistregel is eigenlijk de volgende: Als de grootste variantie maximaal 3x groter is dan de kleinste variantie dan is de ANOVA nog redelijk robuust tegen schending van de assumptie van homegene varianties. Het volstaat om in de discussie te benoemen dat de varianties niet homogeen waren.

Zodra de grootste variantie meer dan 4x groter is, dan wordt het pas een problematische schending. Een goede oplossing bestaat dan eigenlijk niet meer. Er zijn ook weinig nonparametrische varianten die uitkomst kunnen bieden. Als de variantieproblemen niet te verklaren zijn door uitbijters, of respondenten die niet tot de doelpopulatie behoren dan zit er soms weinig anders op om een andere toets te kiezen, of in de discussie gas terug te nemen op de conclusies die op basis van de ANOVA worden getrokken
beantwoord 12 oktober 2015 door Ron Pat-El (39,900 punten)
geselecteerd 14 oktober 2015 door gjp
...