Dit is een site voor studenten van de Open Universiteit. Voordat je een vraag kunt stellen moet je even een account aanmaken (dit systeem is niet gekoppeld aan je OU studentnummer en wachtwoord).

Welkom bij het vraag- en antwoord systeem van de onderzoeks-practica van de studie psychologie bij de Open Universiteit.

Houd er, als je een vraag stelt, rekening mee dat je de richtlijnen volgt!

Welke vragenlijsten kun je beter gebruiken in je onderzoek: recente of juist oudere?

0 leuk 0 niet-leuks
Ik kan me namelijk voorstellen dat gevalideerde vragenlijsten die al lang en veel worden gebruikt zichzelf al meer 'bewezen' hebben (of slaat dat nergens op, omdat ze al gevalideerd zijn?) en je met jouw onderzoek dan beter aansluit bij bestaand onderzoek (dat je hierdoor beter voortbouwt op bestaande theorieën)? Van de andere kant kan ik me voorstellen dat nieuwe, gevalideerde vragenlijsten juist goed passen bij de laatste theoretische benaderingen en de tijdsgeest.

Dank alvast voor het beantwoorden van mijn vraag!
Ivonne Lipsch-Wijnen
gevraagd 29 december 2018 in Methode door Ivonne Lipsch (2,210 punten)

1 Antwoord

0 leuk 0 niet-leuks

Validatie is, als je er grondig naar gaat kijken, een beetje overrated. Validiteit en betrouwbaarheid zijn geen eigenschappen van meetinstrumenten - het zijn eigenschappen van afnames van meetinstrumenten. Dit komt omdat meetinstrumenten worden geinterpreteerd, en dingen als taal veranderen tussen regio's, (sub-)culturen, en over tijd. Bijvoorbeeld: een Nederlandse depressie-schaal kan het prima doen in 40- to 50-jarigen, maar niet in 40- tot 50-jarige Koreanen (want die kunnen geen Nederlands lezen). Maar ook niet in 80 tot 90-jarigen, omdat die andere uitdrukkingen gebruiken. Of 8- tot 12-jarigen.

Bovendien worden validaties vaak (foutief) gebaseerd op puntschattingen: enkele waarden van betrouwbaarheidsschattingen of factorladingen, in plaats van op betrouwbaarheidsintervallen. Die puntschattingen verschillen van steekproef tot steekproef, want die komen tot stand door toeval, en zijn in zichzelf dus niet informatief, als je niet weet hoe breed de bijbehorende steekproevenverdeling is. Die informatie zit in de betrouwbaarheidsintervallen.

Er is dus weinig reden om aan te nemen dat een factorstructuur of betrouwbaarheidsschatting uit eerder onderzoek ook 'geldt' voor jouw steekproef.

Het is dus vooral belangrijk om te kijken naar de inhoud van de vragenlijst en die te vergelijken met de precieze theoretische definitie van je doelconstruct. Een precieze theoretische definitie is sowieso cruciaal: je moet weten wat je precies wil meten, uit welke aspecten van de menselijke psychologie dat bestaat, en waar het niet uit bestaat.

Als je die eenmaal hebt, is dat het beste hulpmiddel om een operationalisatie te kiezen.

Zie voor een kader bij het nadenken over operationalisaties dit artikel en de er op volgende discussie op https://pragmaticnihilism.com.

beantwoord 21 januari door gjp (63,080 punten)
...