Dit is een site voor studenten van de Open Universiteit. Voordat je een vraag kunt stellen moet je even een account aanmaken (dit systeem is niet gekoppeld aan je OU studentnummer en wachtwoord).

Welkom bij het vraag- en antwoord systeem van de onderzoeks-practica van de studie psychologie bij de Open Universiteit.

Houd er, als je een vraag stelt, rekening mee dat je de richtlijnen volgt!

KDA opdr. 4.3.1 gepaarde toets i.p.v. onafhankelijke toets

1 leuk 0 niet-leuks
Vraag 2

 

Studietaak 4.2 opdracht 4.2.4

In casus 4 opvoeding is bij 4.6 t/m 4.9 vader/moeder sprake van een gepaarde toets en bij 4.1 t/m 4.5 sprake van een onafhankelijke toets. Ik begrijp niet waar het verschil wordt gemaakt. M.a.w.: wanneer gaat het dus om gepaarde variabelen?

Een vraag die daarmee te maken heeft en ik dus ook maar stel staat hieronder beschreven.
In document Vergelijken van 2 gemiddelden: de t-toets, op blz. 6 over de gepaarde t-toets staat daar wel dat bij vader en moeder het werkelijk gaat om gerelateerde paren, elke echtgenote wordt vergeleken met een partner.

Maar hoe zit dat dan met de één-oudergezinnen? Daar is toch echt maar één ouder, die geen gerelateerde partner heeft. Het is ook vreemd dat er in de tabel bij bestand casus 4 Opvoeding Data View in SPSS wel waarden zijn opgenomen, bijvoorbeeld bij rij 3 gezin nummer 3, een éénoudergezin, waar waarden staan zowel bij vader als bij moeder, bijvoorbeeld depressie. Hoe kan dit? Is de ene ouder dan zowel vader als moeder tegelijk? Het gaat per rij toch om één deelnemer aan de steekproef van 100 deelnemers?
gevraagd 29 september 2014 in Bivariate statistiek door R. Cornelisse (250 punten)
bewerkt 30 september 2014 door R. Cornelisse
Je vraag is wat te onduidelijk. Kun je specifiek verwijzen naar de nummers van de oefeningen waar je vraag over gaat? Bij 4.3.1 gaat het niet over gezinnen, maar alleen over statistiekkennis? Dus, verwijs elke keer als je het over studiemateriaal hebt, precies naar waar dat te vinden is, zodat we het over hetzelfde hebben!
Sorry, verkeerde nummer van de oefening. Het moet zijn 4.2.4.

(ik was ondertussen al met 4.3.1 bezig, vandaar de vergissing)
Ok, en over welke tabellen heb je het bij 'de tabellen'? Msch handig om je hele vraag even door te lopen en te verbeteren (met 'bewerk') zodat alle verwijzingen onmiskenbaar zijn?
Ik heb mijn vraag bewerkt en hoop dat hij duidelijk genoeg is. Het zijn eigenlijk 2 vragen.

1 Antwoord

0 leuk 0 niet-leuks
Bedankt voor je extra uitleg!

Je eerste vraag, wanneer de gepaarde versus de ongepaarde t-toets te gebruiken: dit hangt er vanaf of je steekproeven onafhankelijke zijn of niet. Als elk datapunt in je ene steekproef evenveel samenhangt met alle andere datapunten in de andere steekproef, zijn ze onafhankelijk. Het is dan niet mogelijk om datapunten uit steekproef 1 te linken aan datapunten uit steekproef 2. Maar, als je bijvoorbeeld twee gezinsleden uit hetzelfde gezin neemt, dan lijken die meer op elkaar dan op willekeurige andere gezinsleden. Er is dus wel afhankelijkheid; omdat de gezinsleden op elkaar lijken, delen ze variantie. Dit geldt ook voor herhaalde metingen binnen een persoon natuurlijk; een persoon lijkt meer op zichzelf dan op iemand anders.

Met betrekking tot je tweede vraag: de deelnemers, of beter, 'datapunten' in deze studie, zijn de kinderen. Hoewel ouders kunnen scheiden of sterven, heeft een kind per definitie twee ouders; en daarom zijn deze gegevens ook aanwezig voor eenoudergezinnen. Een eenoudergezin betekent niet dat de andere ouder niet bestaat, maar dat deze niet bijdraagt aan de dagelijkse opvoeding van een kind.

Zou je vragen voortaan per vraag apart kunnen stellen? Dank!
beantwoord 30 september 2014 door gjp (68,790 punten)

Dankjewel. toch nog wat onduidelijkheid bij mij:

m.b.t. je antwoord op vraag één: je schrijft "Maar, als je bijvoorbeeld twee gezinsleden uit hetzelfde gezin neemt, dan lijken die meer op elkaar dan op willekeurige andere gezinsleden." Je bedoelt waarschijnlijk willekeurige leden van andere gezinnen? Want als het willekeurige andere gezinsleden zijn uit dat gezin, dan lijken die toch ook op deze gezinsleden? Verder begrijp ik het verschil wel.

m.b.t. je antwoord op vraag twee: het is dus een kwestie van definitie van wat een eenoudergezin is. Volgens jouw antwoord is dat dus een gezin met de ene ouder aanwezig, terwijl de andere ouder nog leeft en op afstand wel invloed heeft en een of andere relatie met het kind heeft. Want anders zou de waarde van één van de ouders 0 moeten zijn, als die gestorven is of uit het zicht verdwenen. Een kind dat direct na de geboorte een ouder is kwijtgeraakt, heeft geen opvoedingsrelatie met die ouder, toch?

Ja, ik bedoelde uit andere gezinnen, goed gezien!

Klopt, er is geen opvoedingsrelatie met die ouder, maar die ouder kan nog steeds depressief zijn (geweest), en dat kan genetisch zijn; daarom is het belangrijk deze informatie te hebben. Overigens zou het kunnen dat gezinnen bij wie helemaal niets bekend was over een van de ouders niet zijn geincludeerd in deze studie. Het kan zijn dat het kind bijvoorbeeld beide ouders nog minimaal X keer per jaar moest zien - ik ken de details van de inclusie en exclusieprotocollen niet, vrees ik!
...