Dit is een site voor studenten van de Open Universiteit. Voordat je een vraag kunt stellen moet je even een account aanmaken (dit systeem is niet gekoppeld aan je OU studentnummer en wachtwoord).

Welkom bij het vraag- en antwoord systeem van de onderzoeks-practica van de studie psychologie bij de Open Universiteit.

Houd er, als je een vraag stelt, rekening mee dat je de richtlijnen volgt!

0 leuk 0 niet-leuks

Beste docenten,

In verschillende opdrachten voeren wij een univariate analyse uit om bijvoorbeeld te kijken naar de scheefheid (Skewness) en spitsheid (Kurtosis), maar wanneer vormt dit nu echt een probleem. 

Bij sommige opdrachten zijn er waarden van 0.210, dit wordt aangegeven als niet problematisch (die snap ik), maar ik kom ook waarden tegen van 1,600 en 2,669 die als niet problematisch worden beschreven. 

Ik begrijp dat je vooral moet kijken naar de normaalverdeling of naar de waarden die beschreven zijn bij ontwikkeling van een meetinstrument (als hij linksscheef hoort te zijn en dat is hij ook, dan is het valide voor die doelgroep). Toch wil ik tijdens mijn analyse echt iets kunnen zeggen over of het wel of niet problematisch is voor mijn analyse, zijn hier grenswaarden voor? Stel mijn linksscheefheid is niet zo linksscheef als die bij ontwikkeling is geconstateerd is hij dan wel of niet valide, waar ligt de grens dat je zo'n besluit kan nemen?

Alvast bedankt voor jullie opheldering.

Met vriendelijke groet,

Mark van den Brink

geleden in Univariate (descriptieve) statistiek door (240 punten)

Aub. inloggen or registreren om deze vraag te beantwoorden.

...